•  HUISAANSLUITING


  • Bij de aanvraag van een huisaansluiting, vóór het aanvangen van de bouwwerken, neemt de klant contact met het stedelijk waterbedrijf. Hier krijgt hij de deskundige uitleg over de te nemen voorzieningen.
    De bouwwerf van de aanvrager van een grote aansluiting wordt bezocht door een afgevaardigde van het waterbedrijf teneinde een kostenraming op te maken.

    Het tracé van de aansluiting, loodrecht op de rooilijn en rechtlijnig, tussen het gebouw en de hoofdleiding wordt zo kort mogelijk gehouden.

    De sleuf wordt gegraven op een diepte van 1,10 meter.

    De klant kan de sleuf zelf graven, een wachtbuis met een doorsnede van minimum 8 cm plaatsen, met een trekdraad, en de sleuf dichten.

    De leiding, die het waterbedrijf zal leggen, is van polyethyleen met een doormeter van 32, 50 of 63 mm, naargelang de behoeft. Grotere leidingen zijn van PVC.

    Ondernemingen, instellingen met een openbaar karakter en bouwers van appartementen nemen vóór de aanvraag contact op met de brandweer om hun verplichtingen inzake brandveiligheid te bespreken en het waterbedrijf bijgevolg toe te laten de diameter van de aansluiting te bepalen.

    Na de aansluiting ontvangt de bouwheer de factuur, te betalen binnen de tien dagen.


  •  WATERMETER EN BINNENINSTALLATIE


  • Het stedelijk waterbedrijf plaatst een afsluiter, een watermeter en een aftapkraan. Na de aftapkraan begint de binneninstallatie, die geplaatst wordt door de klant.

    Bij voorkeur begint de binneninstallatie met een buigbare leiding om de eventuele vervanging van de watermeter te vergemakkelijken. Vervolgens wordt een terugslagklep en een afsluitkraan geplaatst.

    Er mag geen verbinding bestaan tussen de binnenleiding voor drinkwater geleverd door het waterbedrijf en water van andere oorsprong, zoals regen- of grondwater.

    Alle binneninstallaties worden beheerd door en op kosten van de klant, zonder enige verantwoordelijkheid van het waterbedrijf.

    Om problemen te vermijden bij langdurige afwezigheid, vooral tijdens de winter, is het aangewezen om de hoofdkraan dicht te draaien en de binnenleidingen via de aftapkraan te laten leeglopen.



  • APPARTEMENTSGEBOUWEN


  • Appartementsgebouwen kunnen uitgerust worden met één algemene watermeter of zoveel watermeters als er woongelegenheden zijn.

    Wordt een centrale hydrofoorgroep of waterverzachter voorzien dan wordt steeds één algemene watermeter geïnstalleerd. De eigenaar kan stroomafwaarts van de watermeter ten behoeve van de verschillende gebruikers zelf afzonderlijke watermeters aanbrengen, waarvan de werking of de aanduiding buiten de verantwoordelijkheid van het waterbedrijf valt.



  • ALGEMEEN REGLEMENT


  • Het algemeen reglement van het stedelijk waterbedrijf ligt ter inzage in de burelen.

 

Print pagina